Een tijd geleden ben ik een beetje aan het schipperen geweest met de weektaak. Hoe maakte ik de kinderen nou duidelijk wat ze moesten doen, hoe bepaalde ik de werkjes en hoe lieten de kinderen zien dat ze een werkje af hadden? Hier lees je mijn ervaringen, en die van anderen.

Mijn probleem omtrent de weektaak:

Op school hebben we de ‘regel’ dat de oudste kinderen 2 werkjes doen en de jongsten 1 per week. Dit is dus een soort weektaak. Er staat verder echter niets vast over hoe en wat en waarom.

Ik werk nu als volgt: elke week heb ik voor de oudsten 3 werkjes, voor de middelsten 2 en voor de jongsten 1. Die werkjes zet ik op een afkruisformulier, waar ook de namen en stickers van de kinderen op staan. Als een kind een werkje gedaan heeft, zet het er een kruis door, achter zijn of haar naam.

Ik blijf een beetje schipperen met het afkruisformulier. Vanaf het volgende thema (lente) wil ik een nieuw formulier invoeren, waarop meteen alle werkjes voor het hele thema staan. Een voorbeeld vind je hier: Werklijst thema voorjaar.

Mijn vraag: hoe maken jullie aan de kleuters duidelijk wat hun weektaak is? Ik bedoel dan dus zonder kiesbord, want die heb ik (nog) niet.

In mijn situatie moet ik dus 6 werkjes uitleggen.

Mijn vraag: wanneer leggen jullie de werkjes uit? Hoe lang duurt dat? Doen jullie alle werkjes tegelijk? Leggen jullie alles uit of laten jullie sommige dingen ook aan de kinderen over?

Kortom… help! Ik wil heel graag weten hoe jullie om gaan met verplichte werkjes voor de kleuters.

Reacties van bezoekers:

Rianne: Hallo, wij werken ook met een weektaak bij de kleuters en doen dat met een eigen gemaakte lijst. Aan de linkerkant van het papier staan alle namen van de kinderen met een sticker die ze ook op hun kapstok hebben. Daarnaast plak ik per week een groot vel met hokjes,waarin jij of de oudste kleuters zelf aan kunnen kruisen wat ze al gedaan hebben. Bovenaan teken ik de opdrachten voor die week,deze bespreek ik op maandag in de kring en als ik per groepje met de opdracht aan het werk ga kijk ik of ze het allemaal hebben begrepen. Iedere dag heeft zijn eigen kleur en met die kleur wordt het kruisje gezet. Zo kun je snel zien wanneer de opdracht gedaan is.

Marga vertelde me het volgende: Ik stel het takenvel samen met de kleuters op. Er komen 6 opdrachten op te staan, waaruit de kinderen zelf mogen kiezen. Ze mogen er 2 weken over doen. Sommige kinderen krijgen de sturing van b.v. 3 opdrachten per week. Ik bespreek de weektaak in de kleine kring. Ik heb ladenbakken waarin ik de spullen voor alle activiteiten, voor zover als dat mogelijk is, alvast in klaar leg. Deze label ik dan even. De kinderen weten dit zelf heel goed te vinden. De knutselactiviteiten leg ik klaar in een curverbak in de knutselhoek. Dan heb je er zelf bijna geen omkijken naar. Door de kinderen in het opdrachtvel te betrekken, hebben ze er veel meer zin is is mij opgevallen. Natuurlijk stuur ik af en toe wat in de opdrachten en zorg ik dat de dingen die ik aan bod moet laten komen (ik hanteer de lijsten die miranda wedekind op haar site had als leidraad) erbij zitten. Maar kinderen hebben zo het idee dat ze het zelf uitgekozen hebben.

Esther: Wij werken met taakkaartjes, iedere oudste kleuter heeft een blaadje met 5 werkjes die gedurende 5 ochtenden gemaakt moeten worden, iedere dag 1 taak. Het knutselwerkje wat er op staat leg ik klassikaal uit. Alle andere werkjes individueel wanneer het kind dat werkje kiest en het nieuw is voor het kind. Ieder kind gaat aan het werk en ik loop rond om te zien of iedereen ook kan beginnen. Wanneer er een nieuw materiaal in de klas komt (of aan het begin van het schooljaar) leg ik het wel klassikaal uit.

Petra: Mijn groep bestaat uit 18 kinderen. 9 kinderen krijgen een algemene weektaak. Ik kies iedere twee weken een aantal opdrachten die voor alle 18 kinderen gelden (diverse gebieden). Afhankelijk van het thema, interesse ed. Ik cluster vervolgens een aantal kinderen. Deze kinderen krijgen een weektaak op niveau. Op de weektaak staan de beertjes van Meichenbaum. Bij uitleg van de weektaak op de eerste maandag wijs ik dan ook het eerste beertje aan. Wat moet je doen? Er zijn opdrachten die kinderen eerst samen met mij doen. De kinderen leggen dit in mijn bak en ik roep ze om de beurt bij me. De opdracht doen we dan samen. Hebben ze dat gedaan, dan kleuren ze het zonnetje voor de helft. De tweede keer herhalen ze dit en dan doen ze dit alleen. Als ze het af hebben, dan kleuren ze het hele zonnetje. Voor een aantal kinderen is voorlezen erg belangrijk. Voor hun kies ik standaard om voorlezen op de weektaak te zetten. Kinderen die meer aankunnen krijgen 6 opdrachten. Wanneer moeten ze de weektaak doen? Iedere speel/werkles heb ik een kleine kring, waarin we met die kleine groepjes een activiteit doen. Ik heb hiervoor een aparte hoek gemaakt. Door middel van een stoplicht geef ik aan of ik gestoord mag worden. Ik heb naast het planbord de onderdelen van de weektaak in het groot hangen en met behulp van pictogrammen uitgelegd waar iets ligt en evt. wat ze moeten doen. (een voorbeeld van deze weektaak vind je hier!)

Michelle: Wij werken met doewerkjes. Op maandagochtend in de kring leg ik uit wat de doewerkjes van deze week zijn. Er is altijd 1 doewerkje voor alle kinderen (b.v. iets knutselen i.v.m. het thema) en 1 doewerkje speciaal voor de oudste kleuters (b.v. rijmen of 5 op een rij). De oudste doen dus twee doewerkjes, de andere kinderen 1. Als een kind het doewerkje kiest, krijgt het een kind een kaartje met daarop een plaatje en de naam van het doewerkje en zijn naam. Als het kind klaar is met zijn doewerkje mag het een kruisje zetten op het kaartje en een sticker er op plakken. Het kaartje mag dan mee naar huis. Om te kijken of alle kinderen het doewerkje wel doen, schrijf ik op maandag op alle kaartjes de namen van de kinderen die het moeten doen. De kinderen die klaar zijn nemen dus hun doewerk-kaartje mee naar huis. De kaartjes die er dan nog liggen zijn dus van de kinderen die het doewerkje nog moeten doen.

Sabine: Ik heb op dit moment een groep 1 op een school voor asielzoekerkinderen. Ook wij gebruiken een weektaak. Elke week hangt er een nieuwe weektaak met daarop plaatjes van de te maken opdrachten. Vast op de weektaak staan schrijfdans, cassetteverhaal luisteren van Knoop en taalplan kleuters op de computer. Daarnaast staan hier ook twee knutselactiviteiten. Er zijn dus vijf activiteiten per week die een kind moet doen. Nou ben ik hier in groep 1 niet zo streng in. In praktijk is de weektaak eigenlijk altijd af. De kinderen vinden het geweldig. Maandagochtend leg ik in de kring de activiteiten van die week uit. De kinderen zijn bijna altijd enthousiast. Na elke werkles (2x per dag) zet ik nu nog samen met de leerlingen de kruisjes. Sommige kinderen kunnen dit al zelf. Ik gebruik geen ondersteuning met pictogrammetjes. De meeste leerlingen herkennen hun eigen naam al. (hier vind je een voorbeeld van deze weektaak)

Ik kreeg nog een reactie via de mail: Van maandag tot donderdag heb ik 4 melkdozen (van die bruine) waar een taak inzit. Bijvoorbeeld: in doos 1 werkbladen, in doos 2 een activiteit MET leerkracht (kleine kring of knutselen) bij het thema, in doos 3 lotto, in doos 4 kralenplanken. Op maandag moet groepje ‘blauw’ doos 1, op dinsdag doos 2, op woensdag doos 3 en donderdag doos 4. Zo rouleert het door de week. Op vrijdag is er geen verplichte activiteit. In de middag mogen ze altijd in de hoeken spelen en zelf plannen vanuit de kring. Klaar? is een spelletje uit de kast. De oudsten hebben een boekje met zelfstandig werk foto’s van materialen en moeten daar 2x in de week aan werken.

Ik heb het volgende bedacht (met hulp van de tips op deze pagina):

  • aan het begin van de week stellen we met de klas de weektaak samen (ongeveer 6 werkjes: 2 ‘kastwerkjes’, 2 creatieve werkjes en 2 overige werkjes)
  • ik hang voor de kinderen naamkaartjes op in de klas
  • als ze één van de werkjes van de weektaak gedaan hebben, mogen ze een gekleurde wasknijper aan hun kaartje hangen (rood voor een kastwerkje, wit voor een knutselwerkje en blauw voor een overig werkje)
  • aan het eind van de week kijken we hoeveel werkjes iedereen gemaakt heeft. Ik stel een minimum van werkjes.

Hiermee hoop ik te bereiken dat meer kinderen enthousiast raken voor de weektaak, omdat ze nu immers zelf werkjes aan mogen dragen. Door het verlies van werkmomenten in een week zijn soms niet alle werkjes haalbaar. Door dat de kinderen toch 1 of 2 knijpers verdienen, moet dat het leed verzachten. (ik werkte altijd met een afkruislijst, sommige kinderen raakten dan in de stress als ze de deadline niet haalden). Ik houd jullie op de hoogte!!

Het voordeel van deze weektaak is duidelijk geworden! Vorige week was ik ineens mijn stem kwijt, en was er dus plotseling een invaller in mijn klas. Ik had nog niets over deze weektaak op papier staan, maar het papier hing heel duidelijk aan de muur. De invaller kon er dus zo mee aan de slag! Deze week hebben we een rare week, vrijdag zijn de kinderen vrij en maandag tot en met donderdag loopt een aantal mee met de avondvierdaagse. We werken daarom nog gewoon met de weektaak van vorige week. Daar staan nog 6 werkjes op, die nog niet iedereen gedaan heeft. Heel gemakkelijk!!!

* Van wie heb ik dit Weektakenblad gekregen??*